'Je gaat het pas zien als je het doorhebt.'
Aan deze uitspraak van Johan Cruijff moet ik denken als de laatste knoop losschiet. Ik voel mijn hart warm worden, tintelen en bijna openbarsten. Ik voel me zielsgelukkig. Maar dat had wel even een aanloopje nodig.

Op 26 september komen we voor het laatst bij elkaar met het schrijfgroepje. Ik heb de dag ervoor buikpijn, diarree en ben onrustig. Wat zou ik graag nog een poosje schuilen.

Ik vertel dat ik in de knoop zit. Het gaat over mijn boek dat zich in de afrondende fase bevindt. Proeflezers waren erg positief, gaven mooie tips en stelden boeiende vragen voor het verbeteren van het boek. Blij mee! Op het laatste moment kreeg ik het idee om psychologen die werkzaam zijn in de ggz als proeflezer te vragen. En dáár zit ie.

Die knoop gaat over onzekerheid, omdat ik me afvraag of ze kunnen 'horen' wat ik schrijf. Daarnaast vind ik ook iets van de organisatie ggz. Mijn visie in het boek gaat over een betere, snellere en liefdevollere zorg voor mensen die psychisch lijden. Kan ik dat zomaar zeggen? Ook al vragen velen mij om me daarover uit te spreken.

Het is niet één knoop, maar het voelt als een zootje knopen op elkaar. Leuk geregeld door de Wet van Aantrekking. Telkens als ik denk dat het klaar is, ik ontknoopt ben, schiet ik weer in de volgende. Ik blijf ik denken: "Niet weglopen. Erbij blijven. Je moet het uithouden om te kunnen transformeren, want dit gaat ergens over." En dapper houd ik vol. Een tulpje trek je niet uit zijn bolletje. Gras gaat niet sneller groeien door eraan te trekken. Een cocon openpeuteren is niet handig om de vlinder te bevrijden. Dus verdragen.

Ineens zie ik die cliënt voor me. Ze komt met een paar tassen vol fotoalbums bij me en zegt: "Ik heb je sessies lang verteld over de eenzaamheid in mijn jeugd, de ontkenning van mijn behoeften en het gladstrijken van mijn problemen. Maar het klopt niet. Kijk maar." En ze pakt een album en slaat het open met de woorden: "Het zijn albums vol met gezelligheid, feestjes, lachende gezichten."

Na een korte stilte zeg ik: "Ja, daar kun je niet omheen. Het staat allemaal op beeld, dus het is waar. Maar naast het album is er nog een album. Het is een album wat je niet kunt zien, maar ook dat is waar." Ze kijkt me stomverbaasd aan en zegt: "Ja, dat is het! Met mijn verjaardag nodigde mijn moeder de hele klas uit, maar door het jaar heen had ik nooit een vriendinnetje."

Deze cliënt heeft altijd geprobeerd te voldoen aan het beeld wat haar moeder van haar heeft. Als het beeld van de twee albums wat is ingedaald zegt ze: "Ik wil niet meer proberen te voldoen aan het beeld van mijn moeder. Ik word er moe en somber van. Laat ik eens kijken in het andere album om mijn eigen keuzes te maken."

Het beeld verschuift naar mijn boek. Mijn manuscript ligt er, de letters zijn te zien, de woorden zijn aan te wijzen. Het is er echt, het is echt waar. Maar er is nóg een boek, een tweede boek. Ik kan het niet zien en toch is ook dat waar. Ik vraag me af waar dat boek over gaat. Waarom komt dit beeld op? Dan begrijp ik het ineens. Ik wil ergens aan voldoen. Voldoen aan verwachtingen van anderen. Straks valt het tegen, vinden ze het niks en is alles voor niets geweest.

Zichtbaar zijn. Dat durf ik wel. Ergens voor staan. Dat kan ik wel. Maar in een boek uitleggen hoe de zorg voor psychisch lijden beter kan... Ahum. Brr. En dáár gaat mijn tweede boek over: de uitnodiging om mijn potentieel te leven. Wat kan dat beangstigend en prachtig zijn.

Het schrijven van mijn boek heeft mij veranderd en waarvoor dat nodig was kon ik niet eerder zien dan toen ik het doorhad. Het boek heeft mij veranderd, omdat het tweede boek met me mee is gegaan tijdens het schrijven. Op meerdere terreinen kan ik niet anders meer dan trouw zijn aan mezelf. Dat moet voor anderen en ook voor mij wel wat wennen.

Leef ten volle je potentieel!