SPROOKJE

Er was eens een oude man. Hij was getrouwd met een lieve vrouw; ze waren al meer dan 60 jaar samen. Wat opviel was hun liefde, ze waren echt verknocht aan elkaar. Dank zij hem konden ze nog zo samen wonen.
Helaas sloeg het noodlot toe. Ze begreep niet waarom hij ineens weg moest. De oude man werd met spoed opgenomen in een ziekenhuis op afdeling neurologie. Zijn linker lichaamshelft was totaal verlamd, hij had een herseninfarct gehad. Niemand wist hoe moeilijk hij het had, hij sprak er niet over. Al snel moest hij oefenen, fysiotherapie, revalideren en hij deed dat zonder klagen.
Op een dag kwam er een verpleegkundige op zaal. Ze konden het samen meteen goed vinden en zij vertelde, dat ze veel werkte met patiënten met een verlamde lichaamshelft. Ze vertelde dat ze een speciale behandelmethode had geleerd. In plaats van de goede kant steeds sterker te maken, had ze geleerd hoe je de verlamde kant steeds kon prikkelen met houdingen en oefeningen, zodat die kant weer mee kon doen. Ze legde hem het voordeel uit: men is in staat vollediger te functioneren, men heeft minder last van spasmen en pijn in de lichaamshelft die niet meedoet. De man van weinig woorden knikte, hij zag er wel wat in en ging ervoor.

De verpleegkundige stelde hem nog een vraag:"U bent flink op leeftijd, uw linker lichaamshelft is totaal verlamd, u bent zeer gemotiveerd, ….waarvoor….".
Zijn antwoord ontroerde hen beiden:"Ik moet naar huis om te zorgen voor mijn vrouw, ze is dementerend weet u…..".
Het werden weken en maanden van hard werken met heel veel geduld, met soms een huildag, soms een schaterlach, een knipoog. Ze werkten samen met zoveel liefde, respect en bewondering voor elkaar…
Toen brak de dag aan van hun afscheid, hij mocht naar huis, naar zijn vrouw. De aanvraag voor het verpleeghuis was verscheurd. Zijn linker lichaamshelft had niet al zijn kracht terug, maar voldoende om zelfstandig te functioneren. Vrolijk babbelend ging ze naast hem zitten. Hij pakte haar hand en zei:"U had psycholoog moeten worden". Ze wuifde het glimlachend weg.

De oude man ging naar huis. De verpleegkundige begon een paar maanden later met de studie "psychologie". Ze vond het leuk, maar het was niet wat ze bedoelde, het was niet wat ze zocht. Ook de opleiding tot psychotherapeut is niet waar ze een klik mee heeft. Als ze boeken leest over psychosynthese weet ze, dat dat wel is wat ze bedoelt.
Een paar jaar later schrijft ze hem een afscheidsbrief, ze gaat naar Utrecht en wil de opleiding voor pychosynthese doen. Ze krijgt een brief van zijn dochter, een heel lieve brief. Haar vader was net overleden.

De verpleegkundige ging naar Utrecht, trouwde en kreeg 4 prachtige kinderen. Ze werd psychosynthese-therapeut en dacht nog vaak terug aan toen. Haar praktijk liep goed en toch…

Ze is weer terug, terug naar haar wortels, nu in Sneek en beseft dat ze nu niet veel anders doet dan toen. Haar verlangen naar heelheid. Het streven naar een zo compleet, zo volledig mogelijk functioneren van haarzelf en van haar medemens. Het is soms hard werken, met veel geduld en soms een huildag, een schaterlach, een knipoog….
Zoals een verlamde lichaamshelft een mens scheef trekt op lichamelijk gebied en zorgt voor veel spasmen en pijn, zo trekt ook de mens psychisch scheef als een deel onbewust is en niet mee kan doen. Dan krijgen we last van psychische spasmen en pijn.

De oude man van weinig woorden woont in haar hart. Nu vroeg hìj haar:"…..waarvoor…..". Haar antwoord ontroerde hen beide:"….voor de liefde….".

Sneek, 2006.